Vennootschapsbelasting berekenen doe je in twee stappen: bepaal eerst de fiscale winst van je bv, en pas daar het tarief per schijf op toe. In 2026 betaal je 19% vpb over de belastbare winst tot en met 200.000 euro en 25,8% over alles daarboven.
De winst bepaal je door van je opbrengsten de zakelijke kosten, afschrijvingen en aftrekposten af te trekken. Deze gids laat met een concreet rekenvoorbeeld zien hoe vpb berekenen in de praktijk werkt en hoeveel vennootschapsbelasting je daadwerkelijk betaalt.
Wat je in deze gids leert
Deze gids is voor iedere ondernemer met een bv of nv die zelf wil begrijpen hoe de vpb-berekening werkt, in plaats van blind te vertrouwen op de accountant.
- Wie vennootschapsbelasting betaalt en waarover
- De vpb-tarieven van 2026 en de grens van 200.000 euro
- Hoe je van omzet naar belastbare winst rekent
- Een rekenvoorbeeld met beide schijven
- Welke aftrekposten en regelingen je vpb verlagen
Vennootschapsbelasting is een van de kerntaken binnen het bredere onderwerp bv en holding. Deze gids zoomt in op het berekenen zelf.
Wat is vennootschapsbelasting?
Vennootschapsbelasting (vpb) is de belasting die rechtspersonen zoals een bv of nv betalen over hun winst. Anders dan een eenmanszaak, die inkomstenbelasting over de winst betaalt, valt de winst van je bv onder de vpb.
Je betaalt de belasting over de fiscale winst, niet over de omzet. Maak je in een boekjaar geen winst of draai je verlies, dan betaal je in dat jaar geen vennootschapsbelasting.
Ook stichtingen en verenigingen kunnen onder de vpb vallen, maar alleen als en voor zover ze een onderneming drijven. Voor de meeste ondernemers gaat het om de klassieke bv of de holdingstructuur daarboven.
Belangrijk om te onthouden: de vpb staat los van wat jij als directeur-grootaandeelhouder privé betaalt. Over je salaris betaal je loonheffing en over uitgekeerd dividend box 2-belasting. De vennootschapsbelasting zit daar nog voor.
Vpb-tarieven 2026
De tarieven vennootschapsbelasting kennen in 2026 twee schijven. Hoeveel vennootschapsbelasting je betaalt hangt af van je winst: over het eerste deel geldt een lager opstaptarief, over het meerdere een hoger tarief.
- Laag tarief: 19% over de belastbare winst tot en met 200.000 euro
- Hoog tarief: 25,8% over de winst boven 200.000 euro
Deze tarieven zijn sinds 2023 ongewijzigd en blijven ook in 2026 gelijk aan 2025. De grens van 200.000 euro tussen beide schijven staat eveneens al een paar jaar vast.
Let op dat het hoge tarief alleen geldt over het deel van de winst boven de grens, niet over je hele winst. Kom je met je belastbare winst net boven 200.000 euro uit, dan blijft het overgrote deel gewoon tegen 19% belast. De actuele percentages vind je altijd bij de Belastingdienst.
Belastbare winst berekenen
Voordat je een tarief kunt toepassen, moet je de belastbare winst kennen. Die fiscale winst is niet hetzelfde als het bedrag onderaan je bankafschrift. Je begint bij de omzet en trekt daar stap voor stap de zakelijke lasten van af.
De hoofdregel is simpel: opbrengsten min aftrekbare kosten. In de praktijk zitten daar een paar posten in die veel ondernemers over het hoofd zien.
- Alle zakelijke kosten, van inkoop en huur tot verzekeringen en het salaris dat je jezelf uitkeert
- Afschrijvingen op bedrijfsmiddelen zoals machines, inventaris en auto's
- Fiscale aftrekposten en regelingen, zoals de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (kia)
- Verrekenbare verliezen uit eerdere of latere boekjaren
Vooral afschrijven op bedrijfsmiddelen heeft veel invloed. Je koopt een machine niet in een keer af tegen de winst, maar spreidt de kosten over de jaren dat je hem gebruikt. Zo daalt je belastbare winst elk jaar een stukje.
Het salaris dat je als dga aan jezelf betaalt, is voor de bv een aftrekbare kostenpost die de winst verlaagt. Hoe je dat verplichte loon vaststelt, lees je in de gids over het dga-salaris berekenen.
Rekenvoorbeeld: vpb over je winst
Een voorbeeld maakt de berekening concreet. Stel, je bv heeft over het boekjaar een belastbare winst van 250.000 euro. Je rekent dan per schijf.
- Eerste schijf: 200.000 euro tegen 19% is 38.000 euro
- Tweede schijf: 50.000 euro tegen 25,8% is 12.900 euro
- Totale vennootschapsbelasting: 50.900 euro
Blijft je winst onder de grens, dan is de som eenvoudiger. Bij een belastbare winst van 100.000 euro val je volledig in de eerste schijf en betaal je 19%, dus 19.000 euro vpb. Het hoge tarief komt dan niet in beeld.
Draai je een klein jaar met bijvoorbeeld 40.000 euro winst, dan betaalt je bv 7.600 euro. De vpb schaalt dus netjes mee met je resultaat, en pas boven twee ton begint het duurdere deel te tellen.
Aftrekposten en regelingen
De snelste manier om minder vpb te betalen, is je belastbare winst verlagen langs legale weg. Een paar regelingen zijn daarvoor bedoeld en laten je extra bedragen van de winst aftrekken.
De deelnemingsvrijstelling voorkomt dubbele belasting binnen een concern. Bezit je holding minstens 5% van een werkmaatschappij, dan is de winst die naar boven wordt uitgekeerd bij de holding vrijgesteld van vpb.
De innovatiebox verlaagt het tarief op winst uit innovatieve activiteiten met een eigen octrooi of speur- en ontwikkelingswerk. Voldoe je aan de voorwaarden, dan wordt dat deel van de winst tegen een fors lager effectief tarief belast.
Verliesverrekening zet verlies uit een slecht jaar in tegen winst uit een ander jaar. Je verrekent het verlies dan met de winst van een ander boekjaar: een jaar terug tegen eerdere winst (carry back) en vervolgens onbeperkt vooruit tegen toekomstige winsten (carry forward), al geldt er boven 1 miljoen euro een beperking per jaar.
Heb je meerdere bv's, dan kun je die onder voorwaarden samenvoegen tot een fiscale eenheid. De winsten en verliezen van de vennootschappen worden dan samengeteld en je doet een gezamenlijke aangifte.
Aangifte en betaling
Aangifte vennootschapsbelasting doe je elk jaar over je boekjaar, meestal digitaal via je boekhoudsoftware of je accountant. Loopt je boekjaar gelijk met het kalenderjaar, dan moet de aangifte over 2025 in principe voor 1 juni 2026 binnen zijn.
Bij een gebroken boekjaar geldt een termijn van vijf maanden na afloop van dat boekjaar. Je accountant kan doorgaans uitstel regelen via de uitstelregeling voor belastingconsulenten, wat je meer lucht geeft.
In de loop van het jaar krijgt je bv vaak een voorlopige aanslag vennootschapsbelasting op basis van een schatting van de winst. Betaal je die op tijd, dan voorkom je belastingrente. Na de definitieve aangifte volgt de eindafrekening, waarbij je bijbetaalt of geld terugkrijgt.
Te laat of onvolledig aangeven levert een verzuimboete op, en die loopt bij herhaling snel op. Zorg dus dat je administratie het hele jaar klopt, zodat de aangifte een formaliteit is in plaats van een puzzel.
Wat na de vpb overblijft, kun je als winst in de bv houden of uitkeren. Keer je uit, reken dan met onze dividendbelasting-calculator door en lees hoe dividend uitkeren uit je bv fiscaal uitpakt.
Veelgestelde vragen
Hoe bereken je de vennootschapsbelasting?
Je bepaalt eerst de fiscale winst: opbrengsten min de zakelijke kosten, afschrijvingen en aftrekposten. Daarover pas je het vpb-tarief per schijf toe. In 2026 is dat 19% over de winst tot en met 200.000 euro en 25,8% over het bedrag daarboven. De uitkomst is de vennootschapsbelasting die je bv betaalt.
Hoeveel belasting betaal je bij 100.000 euro winst?
Een belastbare winst van 100.000 euro valt volledig in de eerste schijf. Je betaalt dan 19% vpb, dus 19.000 euro. Pas boven 200.000 euro winst geldt over het meerdere het hogere tarief van 25,8%.
Betaal je vennootschapsbelasting over winst of over omzet?
Over de winst, niet over de omzet. Je trekt eerst alle zakelijke kosten, afschrijvingen en aftrekposten van je opbrengsten af. Wat overblijft is de belastbare winst, en pas daarover reken je vpb.
Hoeveel procent is de vennootschapsbelasting in 2026?
In 2026 gelden twee tarieven: 19% over de belastbare winst tot en met 200.000 euro en 25,8% over het meerdere. Deze percentages zijn sinds 2023 onveranderd en blijven ook in 2026 gelijk.
Wanneer moet je aangifte vennootschapsbelasting doen?
Je doet elk jaar aangifte over je boekjaar. Loopt je boekjaar gelijk met het kalenderjaar, dan is de aangifte over 2025 in principe binnen voor 1 juni 2026. Bij een gebroken boekjaar geldt vijf maanden na afloop van het boekjaar. Uitstel via je accountant is mogelijk.
Kernpunten
- Vpb bereken je in twee stappen: fiscale winst bepalen, daarna het tarief per schijf toepassen
- In 2026 geldt 19% tot en met 200.000 euro winst en 25,8% over het meerdere
- Je betaalt over de belastbare winst, niet over de omzet
- Afschrijvingen, aftrekposten, deelnemingsvrijstelling, innovatiebox en verliesverrekening verlagen je winst
- Aangifte doe je jaarlijks, bij een regulier boekjaar in principe voor 1 juni van het volgende jaar
De vennootschapsbelasting oogt ingewikkeld, maar draait om een helder principe: bereken je winst zorgvuldig en de tarieven doen de rest. Wie zijn afschrijvingen en aftrekposten op orde heeft, houdt de vpb voorspelbaar.
Zit je met een vraag over je vpb-berekening of je bv-structuur, stel die dan op het ondernemen-forum van CreativeDeals.
